De AOW, daar red ik het als ZZP’er niet mee

27 September 2016

De AOW, daar red ik het als ZZP’er niet mee

ZZP’ers die aanvullend pensioen opbouwen zijn minder afhankelijk van de AOW en kunnen mogelijk eerder stoppen met werken. Vijf redenen waarom sparen voor je oude dag slim is.

AOW is geen vetpot

Vanaf je AOW leeftijd ontvang je AOW, het basispensioen van de overheid. Het bedrag verschilt per persoon. Alleenstaanden krijgen netto ongeveer 1000 euro per maand, partners ontvangen per persoon zo’n 750 euro. De AOW-leeftijd stijgt de komende jaren stapsgewijs, naar 66 jaar in 2018 en 67 jaar in 2021. Zonder aanvullend pensioen is de AOW-uitkering jouw oudedagsvoorziening. Van dat bedrag gaan je kosten voor wonen, zorg en levensonderhoud bijvoorbeeld nog af. Zet daarom tijdens je werkende leven geld opzij voor je pensioen als je geen sterke terugval in inkomen wilt. Of als je eerder dan je AOW-leeftijd wilt stoppen met werken.

 

Van uitstel komt afstel 

Het voelt misschien een tikkeltje vreemd: nu geld opzij zetten voor over, noem eens wat, dertig jaar. Maar het is wel belangrijk en verstandig. Vergeet niet dat veel werknemers in vaste dienst tijdens hun werkende leven via een pensioenfonds sparen voor aanvullend pensioen. Als ZZP’er ben je daar zelf verantwoordelijk voor. Hoe jonger je begint met sparen, hoe langer de periode dat je rendement op jouw inleg kunt boeken. Voordeel is dat je als ZZP’er je ingelegde geld voor je oude dag voor een belangrijk deel terugkrijgt van de belastingdienst.  

 

Aanvullend pensioen voor veel ZZP’ers noodzakelijk 

Ondernemers die voor de pensioendatum hun bedrijf voor een mooi bedrag kunnen verkopen, kunnen tijdens hun pensioen van dat geld leven. Voor veel zelfstandigen dient zo’n kans zich niet aan. De meeste ZZP’ers werken met een uurtarief; je ontvangt geld voor de tijd die je aan een klus besteedt. Zo bouw je geen waarde op in jouw bedrijf. Want de waarde, dat ben jijzelf. Er valt aan het eind van de rit dus niks te verkopen. Voor veel zelfstandigen droogt de inkomstenbron na pensionering op.  Je bent dan aangewezen op de AOW. Althans, als je tijdens je werkende leven niets extra’s opbouwt.

 

Geen rendement op spaarrekening

Prima om geld op een spaarrekening te zetten! Zeker als het gaat om een financiële buffer voor onvoorziene omstandigheden. Als de wasmachine kapot gaat of zorgkosten stijgen door een ongeluk bijvoorbeeld. Je kunt dan meteen bij je geld. Maar sparen voor je pensioen via een spaarrekening schiet niet op. Zeker niet als je meer dan 25.000 euro op je rekening hebt staan. De rente die je ontvangt, is dan lager dan de belasting die je betaalt. Met andere woorden: dat kost je dus geld.

 

Oude sok levert niets op

Klopt! Althans, zolang je nog rendement krijgt als je jouw geld bij een financiële instelling stalt. Een oude sok is sowieso niet verstandig, want als een inbreker zijn slag slaat, blijf je met lege handen achter.

 

Je ziet wat er met je geld gebeurt

Pensioenfondsen, beleggingsinstellingen, banken en verzekeraars beleggen de inleg van deelnemers. Voor een hoger rendement dan bijvoorbeeld op een spaarrekening. Beurskoersen kunnen stijgen en dalen – afhankelijk van economische of politieke ontwikkelingen. Jouw vermogen kan dus ook schommelen. Als je daar geen goed gevoel bij hebt, is beleggen voor je pensioen waarschijnlijk niet de juiste vorm. Sinds de economische crisis zijn financiële instellingen aan strenge regels gebonden. Alle productkosten zijn transparant. Net als de beleggingen. Je kunt iedere dag zien wat er met jouw geld gebeurt. En als de pensioendatum voor jou als ZZP’er nadert, wordt minder risico genomen met beleggen. Althans, bij het ZZP Pensioen.